Projects

Junior

Resultaatgerichtheid

Algemeen gedrag 

  • Benoemt werkzaamheden in termen van concrete doelen 

  • Committeert zich aan objectief controleerbare doelstellingen 

  • Stuurt gericht op het behalen van resultaten 

  • Vraagt naar te behalen doelstellingen 

Operationeel

gedrag 

  • Formuleert de eigen doelstellingen in termen van concreet gedrag (meetbaar resultaat, voorzien van een deadline) 

  • Geeft aan de hand van concrete acties aan hoe de doelen bereikt zullen worden (wie, wat, wanneer) 

  • Evalueert op regelmatige momenten de stand van zaken ten opzichte van de beoogde doelstelling 

  • Onderneemt actie om bij te sturen wanneer de doelstellingen in het gedrang komen 

  • Komt met alternatieven wanneer een bepaalde actie niet tot het beoogde resultaat heeft geleid of overtreft de gestelde resultaten